Circulair kantoor en bedrijfspand
Het pand van Hoogeboom in Raalte, met werkplaats en kantoren, kreeg een circulaire uitbreiding en daarmee een tweede leven. De draagconstructie, de vloeren en zelfs de puien komen uit gebouwen die elders tegen de vlakte gingen.
Bij deze verbouwing is niet eerst een ontwerp gemaakt en daarna gezocht naar passende materialen. Het ging andersom: er is gekeken wat er beschikbaar was aan hergebruikt staal, vloerplaten en puien, en daar is het ontwerp omheen gebouwd.
Dat levert een gebouw op waarvan je kunt aflezen waar het van gemaakt is. Juist de gelaagdheid van al die herkomsten geeft het pand een eigen gezicht, zonder dat er aan uitstraling is ingeleverd.
Hergebruik als uitgangspunt van het ontwerp
In de bouw heet dit urban mining: een bestaand gebouw is geen afval maar een voorraad grondstoffen. Wie een pand sloopt, haalt daar staal, beton, glas en aluminium uit die nog jaren meekunnen.
Dat klinkt eenvoudiger dan het is. Je weet vooraf niet precies wat er vrijkomt en in welke maat. Daarom is dit ontwerp vanaf de eerste schets opgebouwd rond wat er daadwerkelijk beschikbaar was.
Die volgorde maakt het hele verschil. Een ontwerp dat af is en daarna circulair moet worden gemaakt, loopt vast op maatvoering. Een ontwerp dat begint bij het materiaal heeft die ruimte wel.
Een draagconstructie van hergebruikt staal
De hoofddraagconstructie van het vernieuwde kantoordeel bestaat uit staal dat uit bestaande gebouwen komt. Liggers en kolommen zijn waar nodig aangepast en opnieuw ingezet.
Staal maken kost veel energie. Door bestaande profielen te gebruiken in plaats van nieuwe valt de CO2 uitstoot van de constructie fors lager uit, terwijl het staal zelf niets aan sterkte verliest.
Vloeren en beton met een tweede leven
Ook de vloeren zijn circulair uitgevoerd. De kanaalplaatvloeren komen uit een bestaand gebouw en liggen nu in de nieuwe constructie. Zorgvuldig demonteren, vervoeren en opnieuw leggen houdt die platen in omloop.
Voor de begane grondvloer is beton gebruikt waarin het grind deels is vervangen door granulaat uit sloopprojecten in de omgeving. Daarmee is de hele hoofddraagconstructie van de aanbouw opgebouwd uit circulair materiaal.
Ontwerpen zonder vooraf te weten wat er komt
Per onderdeel was lang onduidelijk welke maat staal of welke vloerplaat beschikbaar zou zijn. Het ontwerp moest daar ruimte voor laten.
Dat vraagt iets van alle partijen. Van de architect flexibiliteit in de uitwerking, van de aannemer ruimte om tijdens de uitvoering bij te sturen, en van de opdrachtgever het vertrouwen dat het samenkomt. In de uitvoering is dat uiteindelijk ook gebeurd.
Een gevel van bestaande puien
De transparante delen van de gevel bestaan uit aluminium puien die vrijkwamen bij de sloop van een pand in Leeuwarden. De kwaliteit was zo goed dat ze zonder meer een nieuwe cyclus aankunnen.
Aluminium leent zich daar bij uitstek voor: het gaat lang mee en profielen kunnen opnieuw worden toegepast zonder verlies van kwaliteit. Omdat al vroeg in het ontwerpproces bekend was dat deze puien beschikbaar zouden zijn, zijn ze mede het uitgangspunt van het gevelbeeld geworden.
Dat levert naast milieuwinst ook iets op in het beeld. Verschillende materialen en detailleringen blijven zichtbaar naast elkaar staan, en de gevel vertelt daarmee het verhaal van eerdere gebouwen.
Grintkorven gevuld met puin uit de buurt
Rond delen van het gebouw en het terrein staan grintkorven. Die zijn gevuld met puin dat vrijkwam bij de sloop van de bestaande situatie en bij bouwprojecten in de regio.
Puin wordt normaal afgevoerd en laagwaardig verwerkt. Hier krijgt het een zichtbare plek in de architectuur, als een robuuste plint onder het lichtere gevelwerk. Dat past bij de uitstraling van de onderneming die er zit.
Omdat het materiaal uit de buurt komt blijft het transport beperkt, en sluit de materiaalkringloop zich regionaal.
Gevelbekleding uit rijstafval
Naast hergebruikte bouwmaterialen zit er ook iets nieuws in de gevel. Delen van de bekleding bestaan uit panelen waarin rijstvlies is verwerkt, het velletje dat overblijft bij de verwerking van rijst.
Rijstteelt levert wereldwijd enorme hoeveelheden van die reststroom op. Verwerkt tot composietpanelen geeft het een sterk en onderhoudsarm gevelmateriaal met een lage milieubelasting, met een warme textuur die het gebouw tastbaar maakt.
Daarmee gaat circulair bouwen verder dan het opnieuw gebruiken van bestaande bouwmaterialen. Ook reststromen uit de landbouw kunnen een volwaardige plek krijgen in de gevel.
Een werkplek die meegaat
Binnen is dezelfde volgorde aangehouden. Eerst is gekeken wat er nog goed genoeg was om te laten staan, daarna wat met kleine aanpassingen opnieuw kon worden gebruikt, en pas daarna is er nieuw materiaal bijgekocht. Dat nieuwe materiaal is circulair of biobased van herkomst.
Voor het binnenklimaat zorgen stalen lamellen die zo geplaatst zijn dat de zon de ruimtes niet opwarmt. Komt er toch te veel zon binnen, dan zijn er screens als extra zonwering.
Het resultaat is een fris kantoorpand waarin afleesbaar blijft waar het van gemaakt is. De regelgeving verplicht dit nog niet, maar naar de toekomst toe wordt het een must: gebouwen zijn dan tijdelijke opslagplaatsen van grondstoffen en de waarde van het materiaal blijft behouden.
Bespreek uw bouwplan
Wilt u meer informatie over onze diensten, uw situatie voorleggen of kennismaken? Neem contact met ons op. Wij maken uw wensen werkelijkheid.